Generic selectors
Exact matches only
Zoek een titel
Zoek in de Gestelde Vragen
Zoek een Artikel
Zoek naar Thema's
Filter by Categories
Artikelen
Mensbeeld
Nieuwsberichten
Relaties
Religie
Samenleving
Technologie
Wetenschap
Zingeving

Is kiezen voor jezelf egoïstisch?

22 maart 2018

Kiezen voor jezelf is anno 2018 een groot goed. Mensen moeten hun leven kunnen invullen zoals zij dat zelf willen, vinden we. Maar is individualisme wel zo positief? Er is toch ook nog zoiets als samen? En als iedereen vooral doet wat hij zelf wil, wie let er dan op het algemene belang van de samenleving als geheel? Oftewel, staat individualisme gelijk aan egoïsme? Marja Jager-Vreugdenhil, expert op het gebied van samenlevingsvraagstukken, laat haar licht erover schijnen.

Gelukkig zijn we ervan af! Van de strakke banden van geloofs- en dorpsgemeenschappen en sociale klassen die bepaalden hoe je leven eruit zag. Niet alleen zorgden de structuren van ‘vroeger’ voor veel onvrijheid, maar ook voor veel ongelijkheid. In de afgelopen eeuw zijn de mogelijkheden voor iedereen toegenomen. We proberen iedereen gelijke kansen te geven en mensen moeten hun leven kunnen invullen zoals zij dat zelf willen. Kiezen voor jezelf is belangrijker geworden dan ooit. Maar is dat echt alleen maar positief? Er is toch ook nog zoiets als samen?

Samenleving als geheel

Oftewel, als iedereen vooral doet wat hij zelf wil, wie let er dan op het algemene belang van de samenleving als geheel? En hoe kun je iets verplicht zijn aan de samenleving, als je tegelijkertijd vrij bent om je eigen keuzes te maken? Staat individualisering gelijk aan egoïsme? Laten we daarmee ieder aan z’n eigen lot over? Of voelen we ons ergens toch verantwoordelijk voor de samenleving en zo ja, waaruit blijkt dat? Volgens het Kabinet Rutte wil iedereen ‘meedoen’ in de participatiesamenleving. Maar klopt dat?

Individuele keuzevrijheid is een belangrijk ideaal van westerse mensen. Onder aanvoering van grote denkers is grote delen van de wereld strijd gevoerd om mensen te bevrijden van systemen en instituties die hun leven bepaalden. Marx streed tegen de oneerlijke kansen voor de arbeidersklasse. Voltaire tegen de grote invloed van de adel en kerkelijke instituties op het leven en denken van mensen. Diverse reformatoren streden voor de vrijheid om hun geloof individueel vorm te geven, zonder bemiddeling van de geestelijke stand. En veel van wat zij bereikten, zien we inmiddels als vanzelfsprekende vrijheden. We zouden het absoluut niet meer pikken als een kind uit een arm milieu een ander schooladvies zou krijgen dan een kind van rijke ouders met dezelfde cijfers.

Scheiding tussen rijk en arm

Dat overkwam mijn eigen moeder nog, begin jaren zestig. Ze kreeg het advies om na de basisschool nog een paar jaar naar de MMS (Middelbare Meisjes School) te gaan. Haar vader (mijn opa dus) pikte dat toen ook al niet. Hij vroeg de schooldirecteur welk advies zíjn dochter zou krijgen als ze dezelfde resultaten had gehad. Gymnasium natuurlijk, was het antwoord. Dan gaat mijn dochter naar het gymnasium, was de terechte conclusie van mijn opa. Hij verzette zich tegen de sociale scheiding tussen de rijke en arme klasse. En gelukkig was de keuze om mijn moeder naar het gymnasium te sturen praktisch ook mogelijk. Onze verzorgingsstaat had onderwijs namelijk voor iedereen toegankelijk gemaakt.

“Wie zijn eigen keuzes wil kunnen maken, heeft een stelsel nodig dat hem daar de ruimte voor geeft”

Dat we onze eigen keuzes kunnen maken en bijvoorbeeld vrij zijn om de opleiding te kiezen die we willen, hebben we te danken aan onze verzorgingsstaat, schrijft Marja Jager.

Geen onbelangrijk punt, die verzorgingsstaat. Want wie zijn eigen keuzes wil kunnen maken, heeft een (sociaal) stelsel nodig dat hem of haar daar de ruimte voor geeft. Als je je wilt onttrekken aan een familie of een gemeenschap die jou tegenhoudt in je keuzes, moet je jezelf wel weten te redden zonder hen. Studiefinanciering, huursubsidie en werkloosheidsuitkeringen zijn allemaal voorzieningen die dat mogelijk maken. Een ruim aanbod aan sociale voorzieningen is belangrijk om te kunnen emanciperen. In Nederland is dat aanbod er. En dus kun je kiezen voor jezelf.

De belofte van ‘een eigen leven’

Kiezen voor onszelf doen we dus ook massaal. Het sociologenechtpaar Ulrich Beck en Elisabeth Beck-Gernsheim typeert het verschijnsel individualisering als ‘a life of one’s own in a runaway world’. Dat schrijven ze in hun boek ‘Individualization’ (2002). Wat mensen écht beweegt is volgens hen niet geld, werk, macht, liefde of religie, maar de belofte van ‘a life of one’s own’. Het hoogste doel voor mensen is om hun eigen leven geheel naar eigen voorkeur te kunnen invullen. Beck en Beck stellen daarbij de vraag of deze trend wel gezond is. Want wat gebeurt er met publieke waarden en met gemeenschappelijke belangen als iedereen en zelf bepaalt wat goed is? En wanneer iedereen puur voor zijn eigen belang gaat? Is dit streven naar ‘a life of one’s own’ niet een heel negatieve beweging? Een rondwarende ‘ego fever’ dat de hele samenleving besmet en verziekt heeft?

“Als er ‘toch wel voor je gezorgd wordt’, zet je je niet meer in voor sterke gemeenschappen of voor onderlinge zorg”

Beck en Beck zijn zeker niet de enigen die die vraag stellen. Eén van de belangrijkste kritiekpunten op de verzorgingsstaat is – naast de hoge kosten en bureaucratie – inderdaad dat onze ruimhartige voorzieningen mensen lui maken. En dat gemeenschapszin ondergraven wordt. Want als er ‘toch wel voor je gezorgd wordt’, zet je je niet meer in voor sterke gemeenschappen. Of voor onderlinge zorg. We kopen als het ware onze verplichting om voor elkaar te zorgen af, door premies te betalen. Warme solidariteit wordt vervangen door anonieme solidariteit, via het (uitkerings)systeem.

Individualisering als bedreiging

Individualisering wordt zeker ook gezien als bedreiging voor de organisatie van onze samenleving. Daar waar het ‘maatschappelijk middenveld’ eerder kon rekenen op een vanzelfsprekende achterban, is die vanzelfsprekendheid er allang niet meer. Vakbonden en sportverenigingen moeten veel moeite doen om leden te werven en vast te houden. Ook kerken merken dat ‘hun’ jongeren steeds minder vanzelfsprekend in de kerk blijven waar zij geboren zijn. Jongeren kiezen sneller voor een andere geloofsgemeenschap, of verlaten de kerk. Instituties hebben dus veel last van de individuele keuzevrijheid.

Ook voor individuen is het uiteindelijk niet gezond om geen deel uit te maken van sociale relaties of gemeenschappen. Mensen hebben een intrinsieke behoefte om samen met anderen hun leven vorm te geven. Een sterk voorbeeld geeft Ed Stafford, die zichzelf als uitdaging stelde om zestig dagen alleen op een eiland te overleven. In zijn documentaire ‘Naked and marooned’ is te zien hoe hij dat doet zonder voedsel, water, kleding en gereedschappen. Uiteindelijk is voor hem niet honger, dorst of uitputting de grootste uitdaging. Maar: de volledige afwezigheid van andere mensen. Ik vind dit een mooie illustratie van hoe onmisbaar het voor mensen is om andere mensen om zich heen te hebben. Niet alleen voor praktische zaken – stoere ex-militair Ed Stafford redde het fysiek best in z’n uppie – maar vooral voor de sociale relaties. Mensen zonder sociale relaties kwijnen weg.

De documentaire ‘Naked and marooned’ laat zien dat we als mensen moeilijk kunnen omgaan met de volledige afwezigheid van andere mensen om ons heen. Écht alleen leven lukt ons slecht.

Móéten kiezen omdat je kúnt kiezen

Weinig mensen zullen hun individuele keuze gebruiken om écht alleen te leven. Dat is dan ook niet het grootste risico van de ziekte ‘ego fever’. Een veel groter risico is het effect van keuzevrijheid op individuele mensen. Omdat ze zelf kúnnen kiezen, móéten ze het ook. “Je bent tenslotte verantwoordelijk voor je eigen geluk! Als je niet gelukkig bent, dan ligt dat aan je eigen keuzes.” En wat moet er veel gekozen worden! Niet alleen een opleiding, baan en woonplaats, maar ook relaties, relatievormen, geloof en veel meer… Kortom, een hele identiteit. “Today even God himself has to be chosen”, roepen Beck en Beck.

We kennen allemaal de term ‘keuzestress’. Mensen kunnen veel last van hebben van alle keuzes die ze moeten maken. De recente documentaire ‘Stress to impress’ van Sanne Kooiman laat zien dat juist voor jongeren de druk enorm is. Ook dat is een keerzijde van individuele keuzevrijheid.

We maken massaal dezelfde keuzes

Toch zijn er ook andere geluiden. We krijgen onze keuzes steeds minder opgelegd door de kerk, onze familie of een geloofsgemeenschap. Toch betekent dat niet dat we helemaal onafhankelijk van anderen kiezen, aldus hoogleraar Jan Willem Duyvendak. Er is zelfs sprake van modern ‘kuddegedrag’. Nederlanders blijken massaal dezelfde keuzes te maken en ongeveer dezelfde opvattingen te hebben. Ook blijven mensen zich nog steeds aansluiten bij groepen, zij het groepen van eigen keuze, beschreef Duyvendak in 2004.

“Nederlanders blijken massaal dezelfde keuzes te maken en ongeveer dezelfde opvattingen te hebben”

Dat is ook wat Beck en Beck aanwijzen: er wordt wel degelijk nog gekozen, en er ontstaat wel degelijk nog gezamenlijkheid. Maar niet meer zo vanzelfsprekend, op basis van traditionele lijnen. Een ‘live of one’s own’ is een experimenteel leven. Je kiest op basis van je voorkeur, kijkt of het bevalt en zo niet, dan kies je iets anders. Maar juist wat je wél kiest, bepaalt je identiteit! Niet een vooraf gedefinieerde identiteit, maar een geheel eigen, individuele identiteit. Een identiteit die dus wel gemaakt wordt door anderen en met anderen samen. Dat is wat Duyvendak ook aanwijst. Enerzijds vinden we het heel belangrijk een eigen en originele keuze te kunnen maken. Maar anderzijds vinden we het minstens zo belangrijk dat dat anderen onze keuze goedkeuren, waarderen, en zelf ook maken.

Juist jongeren vinden het in deze tijd lastig om te voldoen aan datgene wat anderen van hen verwachten, is te zien in de documentaire ‘Stress to Impress’.

We letten enorm op elkaar en zoeken naar wat sociaal wenselijk gedrag is. Dat leidt er paradoxaal genoeg toe dat we vaak dezelfde keuzes maken. En dan niet per se per sociale klasse, maar per leefstijlgroep.

Zorg voor elkaar

Een ‘life of one’s own’ – een eigen gekozen identiteit – is dus zeker niet een a-sociale identiteit. Een individuele keuze kan wel degelijk een keuze voor een gemeenschap zijn. Of voor een langdurige verbintenis aan een ander, of voor een organisatie waar iemand zijn tijd en energie in wil steken. Bovendien zal je, als je eenmaal bewust en vanuit een eigen intrinsieke motivatie gekozen hebt voor een gemeenschap of een bepaalde organisatie, hier ook sterk bij betrokken zijn. Want je verbindt je eigen identiteit aan die gemeenschap of organisatie. Dat betekent dus dat het heel belangrijk is om te weten welke waarden een organisatie of gemeenschap heeft en of die passen bij jouw levenskeuzes. Bij jouw identiteit.

Het is prettig als een organisatie of gemeenschap wat dat betreft duidelijk is over wat ze te bieden heeft. Want voor jou is dit een belangrijke vraag: als je je bij hen aansluit, wat doet dat met jouw identiteit? Als het heel duidelijk is welke waarden zij hebben, weet je waarvoor je kiest, en zien anderen ook waarvoor jij kiest. En één van die waarden waar je – heel individueel – voor kunt kiezen, is die van gemeenschapszin. Die van zorg voor elkaar. Dan is individualisme niet egoïstisch.

mm
Dr. ir. Marja Jager-Vreugdenhil (1978) is lector Samenlevingsvraagstukken aan hogeschool Viaa in Zwolle. Eerder werkte ze bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Ze studeerde aan de Universiteit Wageningen, nam deel aan het rijkstraineeprogramma en promoveerde in 2012 aan de Universiteit van Amsterdam met het proefschrift 'Nederland participatieland?' In haar woonplaats Veenendaal is ze voorzitter van Stichting Present.

Stel je eigen vraag hier!

Aantal reacties: 1

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *