Wat leert de coronacrisis ons? Deel 10: de waarheid

Start | Samenleving | Wat leert de coronacrisis ons? Deel 10: de waarheid

In tijden van corona lijkt het soms alsof waarheid ver weg is en alsof ongezouten meningen hoogtij vieren. Verschillende ‘feiten’ lijken elkaar uit te sluiten. Je kan er moedeloos van worden. Wat is waarheid? Jeroen de Ridder, bijzonder hoogleraar christelijke filosofie, geeft ons vier lessen over wat waarheid duidelijk wel en niet is.

Vier lessen over de waarheid

‘Het is belangrijk dat we op dat kompas van wetenschappelijke kennis en betrouwbare feiten blijven varen,’ sprak minister-president Mark Rutte op 15 maart. Maar wie dat heeft geprobeerd de afgelopen weken, zal zich toch regelmatig afgevraagd hebben wat nu echt de waarheid over COVID-19 is. Elsevier zette onlangs de tweets van het RIVM over de coronacrisis vanaf januari op een rijtje. 21 januari: De kans op een patiënt in Nederland ‘lijkt overigens op dit moment klein.’ 24 januari: ‘De ziekte lijkt, met wat er nu bekend is, niet zo heel besmettelijk.’ 28 januari: ‘We geven aan … dat de kans klein is dat het zich hier verder verspreidt.’ 14 februari: ‘Aura Timen, hoofd Centrum Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding, legt uit waarom we ons geen zorgen hoeven te maken over het COVID-19.’ Met de kennis van nu doet deze informatie hallucinant aan.

Je zou er sceptisch van worden. Blijkbaar weten de experts het ook niet en is er nauwelijks verschil tussen waarheden en meningen. Maar dat gaat te snel. Deze coronacrisis maakt wel degelijk dingen duidelijk over wat waarheid wel en niet is. Vier lessen.

“Je zou er sceptisch van worden. Blijkbaar weten de experts het ook niet en is er nauwelijks verschil tussen waarheden en meningen.”

1: Waarheid is complex

De waarheid is vaak complex. Spreken over ‘de waarheid’ in het enkelvoud is wat dat betreft eigenlijk misleidend. Bij een crisis van deze omvang zijn er tal van waarheden die relevant zijn: over de werking van het virus zelf, over de effecten op de gezondheid, over de invloed van gedrag op besmettelijkheid en ga zo maar door. Daarom zijn al die duidingen die zeggen dat deze crisis ten diepste laat zien dat … (vul hier je lievelingstheorie over mensen of de wereld in) ook ongeloofwaardig. Er is niet één waarheid waartoe je deze crisis kunt reduceren.

2: Waarheid is dynamisch

Veel van de waarheden waarin we geïnteresseerd zijn, zijn dynamisch, in de zin dat ze betrekking hebben op ontwikkelingen die continu veranderen. Het aantal besmettingen varieert van dag tot dag, we passen de maatregelen aan in de loop van de tijd, het gedrag van mensen is elke dag anders. De waarheid is dus geen fossiel dat je, als je het eenmaal gevonden hebt, voor altijd in de vitrine kunt zetten.

3: Er zijn verschillende soorten waarheden

Er zijn verschillende soorten waarheden en het helpt om die uit elkaar te houden. Sommige waarheden bestaan onafhankelijk van wat mensen doen, vinden of willen. We kunnen nog zo stellig tegen elkaar zeggen dat het COVID-19 virus niet veel erger is dan een gewoon griepje, maar daar trekt het virus zich weinig van aan. Inmiddels is pijnlijk duidelijk dat het besmettelijker is dan griep en bij veel mensen tot ernstigere en langdurigere klachten leidt. Deze harde waarheid laat zich niets gelegen liggen aan wat wij ervan vinden of hoe wij ons erbij voelen.

”De waarheid is dus geen fossiel dat je, als je het eenmaal gevonden hebt, voor altijd in de vitrine kunt zetten.”

Andere waarheden hangen wel af van wat mensen doen. Dat is op zich een vrij triviaal punt. Hoeveel scholieren er dit jaar slagen, hangt af van wat al die jongens en meisjes en hun docenten doen met hun schoolwerk. Dit geldt ook voor allerlei waarheden over het coronavirus. Neem het ‘basaal reproductiegetal R0’ waar we de afgelopen weken over hebben gehoord. Dat getal drukt uit aan hoeveel mensen de besmetting doorgegeven wordt. Als R0 de waarde 3 heeft, steekt één persoon gemiddeld 3 anderen aan en hebben we binnen de kortste keren gigantische aantallen besmettingen, want die 3 personen maken ook weer 3 anderen ziek, enzovoorts. Als we van het virus af willen komen, moet R0 blijvend onder de 1 zakken.

Maar nu het punt: de waarde van dat reproductiegetal is geen waarheid over het virus op zichzelf, maar hangt af van hoe wij ons met z’n allen gedragen. Als iedereen thuisblijft en 1,5 meter afstand houdt, zakt R0 onder de 1. Als we met z’n allen in cafés, treinen, kantoren of kerken gaan zitten, stijgt R0 onmiddellijk weer. De waarheid over de waarde van R0 hangt dus af van wat wij doen. Enerzijds ontwikkelt het virus zelf zich op een bepaalde manier in het lichaam van iemand die het heeft, anderzijds bepaalt het gedrag van besmette personen aan hoeveel mensen zij het doorgeven. Dat maakt zulke waarheden verder niet subjectief, maar wel sociaal bepaald.

4: Het vaststellen van waarheid is ingewikkeld

Omdat ‘de waarheid’ over deze crisis eigenlijk uit heel veel verschillende waarheden bestaat die bovendien over veranderlijke zaken gaan en van menselijk gedrag afhangen, is het vaststellen van al die waarheden ingewikkeld, vaak onzeker en regelmatig tijdrovend.

Neem R0 weer: de precieze waarde kan van dag tot dag verschillen, afhankelijk van wat mensen zoal ondernemen. Omdat je niet ‘live’ kunt vaststellen wat iedereen doet en ook niet direct weet of iemand besmet is, kun je in het beste geval achteraf schattingen maken of de situatie proberen met modellen te benaderen. Meetfouten, onnauwkeurigheden of onjuiste aannames kunnen zorgen voor vergissingen. Onzekerheid is daarom onvermijdelijk en inzichten veranderen in de loop van de tijd. Dat betekent niet dat de waarheid maar een veranderlijke mening is of dat er geen waarheden zijn; het is simpelweg een gevolg van het feit dat het vaststellen van waarheid vaak razend ingewikkeld is.

Onzekerheid is daarom onvermijdelijk en inzichten veranderen in de loop van de tijd.

En juist omdat dat zo is, had Rutte gelijk toen hij zei dat we op wetenschappelijke kennis en betrouwbare feiten moeten blijven varen. Je komt er niet met gezond verstand, intuïtie en berekeningen op een kladpapiertje. Uitgaan van de specialistische kennis en vaardigheden van wetenschappers en praktijkdeskundigen uit Nederland en daarbuiten is het beste wat we kunnen doen. Niet dat dat absolute garanties of zekerheid biedt. Maar het is wel onze beste kans om zoveel mogelijk relevante waarheden over deze crisis in kaart te brengen en op basis daarvan beslissingen te nemen die ons er weer uit helpen.

Jeroen de Ridder

Prof. dr. ir. Jeroen de Ridder (1978) is universitair hoofddocent filosofie aan de Vrije Universiteit Amsterdam en één van de oprichters en medewerkers van het Abraham Kuyper Centrum voor wetenschap en grote vragen aan diezelfde universiteit. Daarnaast is hij bijzonder hoogleraar christelijke filosofie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij houdt zich bezig met vragen over de rol die kennis en wetenschap in de maatschappij hebben en horen te hebben. Hij is cum laude afgestudeerd in zowel Filosofie (VU Amsterdam) als Technische Bestuurskunde (Delft). In 2007 promoveerde hij in Delft op een techniek-filosofisch proefschrift.

Laat een reactie achter





Ontvang wekelijks een portie denkvoer in je mailbox.

Zo blijf je op de hoogte van nieuwe artikelen, video's, podcasts en cursussen.