Generic selectors
Exact matches only
Zoek een titel
Zoek in de Gestelde Vragen
Zoek een Artikel
Zoek naar Thema's
Filter by Categories
Mensbeeld
Relatie
Religie
Samenleving
Technologie
Uitgelicht
Wetenschap
Zingeving

Zo'n burn-out, dat is toch niets voor jou? (3)

18 05 2018

Wat gebeurt er met je wanneer je met een burn-out te maken krijgt? Wanneer de man met de hamer ineens genadeloos toeslaat, terwijl jij nog dacht dat de wereld aan je voeten lag? Gerda Lok (28) maakte het mee toen ze een 21-jarige journalistiekstudent was. Ineens kon ze niets meer. En alsof dat nog niet zwaar genoeg was, kreeg ze ook nog eens te maken met slapeloosheid. Lange tijd sliep ze nauwelijks en met regelmaat was ze de wanhoop nabij. Lees hieronder het derde en laatste deel in een serie van 3 blogs over Gerda’s burn-out.

De nachten waren het ergst. Als ik geluk had, viel ik rond een uur of vier in slaap en sliep ik door totdat de wekker ging. Had ik pech, dan sliep ik helemaal niet. Dan lag ik te draaien, te woelen, naar het plafond te staren. Of ik sloop uit bed, nestelde mezelf in een hoekje van de bank en huilde tot het ochtend werd. Ik was boos op mezelf. En boos op God. Waarom lukte het nou niet, waarom kon ik niet slapen? Ik was al zo moe. Dat laatste restje energie had ik nu toch juist nodig om een leuker mens voor mijn omgeving te zijn? Om het leven überhaupt aan te kunnen? Hoe kon ik ooit van een burn-out herstellen als ik niet eens in staat was om een paar uurtjes per nacht te slapen?

Lees hier het eerste deel van een drieluik over mijn burn-out.

Ik smeekte de huisarts om slaapmedicatie

Sliep ik tijdens het begin van mijn burn-out nog halve dagen, van het ene op het andere moment sliep ik helemaal niet meer. Soms voelde het alsof ik de uren die ik toen te veel geslapen had, nu moest terugbetalen. Wat ik ook probeerde, het lukte niet. Gewoon in bed kruipen en wachten tot de slaap me overviel bleek niet afdoende. Hoe stil ik ook lag, ik kon de slaap niet vatten. Ineens wist ik niet meer hoe het ‘moest’. Hoe deed je dat, slapen? Waarom kon het gros van de mensheid het wél, maar ik niet? Maandenlang liep ik als een zombie door het huis. Overdag putte ik uit de reserves van mijn energie, ’s nachts werd die tank nauwelijks bijgevuld. Het maakte me wanhopig, gefrustreerd. Ik was moegestreden. Er waren zelfs nachten waarin een sprong vanaf de zesde etage waarop ik destijds woonde echt een reële oplossing leek.

“Er waren zelfs nachten waarin een sprong vanaf de zesde etage waarop ik destijds woonde echt een reële oplossing leek”

Nee, dat deed ik niet. Ik kon het ook niet. Want ik wist dat er een man naast me lag die zielsveel van me hield. Ik besefte dat ik mijn leven nog niet kwijt wilde. Dat de mensen om me heen míj nog niet kwijt wilden. De dood was geen oplossing. Dus greep ik me vast aan ieder goedbedoeld advies dat ik voorgeschoteld kreeg. In de hoop dat daar wél een oplossing tussen zou zitten: vaste avondrituelen, geen koffie en zwarte thee meer drinken, ademhalings- en ontspanningsoefeningen. De slaapkamer ventileren, een boek lezen voor het slapengaan, de stekker uit het internet. Op zich allemaal prima voorzorgsmaatregelen, maar het hielp niets. Ik sliep er geen seconde langer door. Tevergeefs smeekte ik de huisarts om slaapmedicatie, maar zij was bang dat ik verslaafd zou raken. Mijn lichaam moest dit probleem zelf oplossen, zei ze.

Slapeloosheid

Sliep ik tijdens het begin van mijn burn-out nog halve dagen, van het ene op het andere moment sliep ik helemaal niet meer, schrijft Gerda. Slapeloosheid kan je wanhopig maken.

Te groot verantwoordelijkheidsgevoel

Hoe ik het in handen kreeg, weet ik niet meer. Maar op een dag stopte iemand me een boekje van Annemarie van Heijningen toe, ‘Ik kan het niet loslaten’. Annemarie schrijft hierin over hoe ze zelf met een slaapstoornis worstelde, die ze toeschreef aan perfectionisme en een te groot verantwoordelijkheidsgevoel. Dat zette me aan het denken. Ik zag mijzelf helemaal niet als perfectionistisch, anders had ik op school wel wat beter mijn best gedaan. En verantwoordelijkheidsgevoel, ja, dat had ik wel. Maar dat was toch juist een heel mooie eigenschap? Ik had het op mijn cv in ieder geval bij mijn competenties gezet. Verantwoordelijkheidsgevoel was toch geen oorzaak van slapeloosheid? Ik kon het me bijna niet voorstellen.

Tot ik mijn leven eens wat nauwkeuriger onder de loep ging nemen. Waarom vond ik het eigenlijk zo vervelend dat ik niet kon slapen? Natuurlijk, slaap is fijn. Slaap is belangrijk. Zonder slaap gaat een mens dood. Maar uiteindelijk wilde ik slapen om voor mijn omgeving een beter mens te zijn. Om voor mijn man een leukere echtgenote te zijn. Om fit op mijn werk te verschijnen en al mijn sociale verplichtingen niet steeds af te hoeven zeggen. Zelfs tijdens mijn eigen worsteling, dacht ik nog na over de gevolgen die anderen ervan zouden kunnen ondervinden. Bovendien voelde ik me een mislukkeling, ik had opnieuw gefaald. Weer was gebleken dat ik iets niet kon. Zelfs zoiets simpels als slapen was voor mij niet weggelegd.

“Verantwoordelijkheidsgevoel was toch geen oorzaak van slapeloosheid? Ik kon het me bijna niet voorstellen”

Het moet namelijk niet, het gebeurt gewoon

Langzaam maar zeker ontdekte ik dat ik de lat voor mezelf veel te hoog legde. Hoezo was ik pas leuk en goed genoeg als ik elke nacht ten minste acht uur slaap haalde? Zouden mensen me echt uit hun leven verbannen als ik een keer niet op een feestje verscheen omdat ik te moe was? Toen ik dit onder ogen zag, leerde ik mijn slapeloosheid een plekje te geven. Wanneer ik ’s avonds in bed kroop, oefende ik mezelf in dankbaarheid. Ik probeerde me niet te focussen op de dingen die ik níét had (slaap, gezondheid, energie sociaal kunnen zijn), maar juist op de dingen die ik wél had (een dak boven mijn hoofd, een bed met peperdure matras, een fijne relatie, fantastische familie en vrienden).

Lees hier de tweede blog over mijn burn-out.

Gek genoeg lag mijn bed hierdoor ineens een stuk lekkerder. In plaats van te denken “Ik moét slapen” dacht ik: “Hè, wat lekker dat ik überhaupt een bed heb”. Hiermee nam het aantal uren dat ik sliep niet direct toe, maar de manier waarop ik in bed lag veranderde wel. Uiteindelijk bleek mijn slapeloosheid ook een medische oorzaak te hebben. Met behulp van een neuroloog, een fysiotherapeut en de juiste medicatie weet ik inmiddels weer hoe het moet, slapen. Het moet namelijk niet, het gebeurt gewoon. En soms gebeurt het niet, dat kan ook voorkomen. Maar dat is niet iets wat je jezelf kunt verwijten. Slaap is namelijk iets magisch, het valt niet te analyseren. En zeker niet te forceren.

Slapeloosheid

Wanneer je teveel focust op het móéten slapen, lukt het vaak niet. In plaats daarvan kun je beter op zoek naar een ontspannen en dankbaar gevoel, schrijft Gerda.

Gewoon geen goede slaper

Ik heb leren accepteren dat dit iets is dat bij me hoort; ik ben gewoon geen goede slaper. En achteraf gezien ben ik dat ook nooit geweest, ook als kind niet. Maar slapeloosheid zoals ik dat toen had, dat ken ik gelukkig niet meer. Niet om dat ik nooit meer wakker lig, maar omdat ik anders wakker lig. Ik probeer mezelf niet te verwijten dát ik wakker lig. Ik hoef namelijk voor niemand een leuker, energieker mens te zijn, behalve voor mezelf. En dat word ik niet per se als ik voldoende slaap, maar wel als ik er vrede mee heb dat het leven, en dus ook mijn slaapritme, niet maakbaar is. Hoe graag ik dat soms ook zou willen.

Heel eerlijk? Nog steeds is slapeloosheid mijn allergrootste angst. De gevoelens van wanhoop, het intense verdriet dat ik toen meemaakte… Nee, dat hoop ik nooit meer mee te maken. Maar aan die angst zit altijd een stukje dankbaarheid gekoppeld. Ik zie slaap niet meer als iets vanzelfsprekends, maar als een geschenk. Wanneer ik ’s ochtends wakker word, ben ik nog elke keer oprecht dankbaar dat ik geslapen heb.

“Nog steeds is slapeloosheid mijn allergrootste angst. De gevoelens van wanhoop, het intense verdriet dat ik toen meemaakte… Nee, dat hoop ik nooit meer mee te maken”

Tips bij slapeloosheid

Misschien herken je iets in mijn verhaal. Lig je ook soms – of vaak – wakker en wil de slaap maar niet komen. En herken je de wanhoop die dit kan veroorzaken. Ook nu een paar tips; een aantal ervan komt van de site Jongburnout.nl.

1. Als je serieuze slaapproblemen hebt, ga dan naar je huisarts. Schaam je daar niet voor. En… laat je niet te snel afschepen. Ook bij mij bleek pas na enige tijd dat er op medisch gebied iets aan mijn slapeloosheid gedaan kon worden.

2. Onderzoek of je levenspatroon ongezonde elementen bevat. Denk aan: veel energydrankjes drinken, vaak naar de McDonald’s gaan, of veel gamen of tv-kijken tot diep in de nacht. Of denken dat je aan 5-6 uurtjes slaap per nacht voldoende hebt. Zo’n levensstijl kan ervoor zorgen dat je roofbouw pleegt op je lichaam. Met oververmoeidheid en slaapproblemen tot gevolg. In zo’n geval helpt het om je leefpatroon aan te passen.

3. Sporten kan helpen om beter te slapen. Je lichaam heeft namelijk zowel inspanning als ontspanning nodig. Kies een vorm van sporten of bewegen die goed voelt. Forceer niets, maar bouw het rustig op.

4. Probeer een regelmatig dag- en slaapritme aan te houden. Met een vaste tijd om naar bed te gaan en op te staan. Ik gaf hierboven aan dat dat bij mij niet direct hielp, maar misschien ben jij hier juist wél bij gebaat. Sowieso voelen ons lichaam en onze geest zich goed binnen voorspelbare patronen. Proberen, dus!

5. Gezond en regelmatig eten (dit punt overlapt met punt 2). Hoe beter je voor jezelf zorgt, hoe beter je ook in staat bent om ontspanning te vinden. Gezond en op vaste tijdstippen eten hoort daarbij. Stouw geen bergen junkfood naar binnen, maar kook voor jezelf met gezonde ingrediënten. Koop eventueel wat boekjes met simpele recepten.

6. Vraag niet te snel naar slaapmedicatie. Ik kan mij voorstellen dat je in je wanhoop soms het liefst een slaappil wilt; dat had ik ook. Maar slaapmedicatie is heftig spul. Je raakt er snel verslaafd aan. Niet voor niets zei mijn huisarts: “Toch maar niet doen”. Kortom, slaapmiddelen alléén in nauw overleg met, en onder controle van een arts.

7. Vermijd ook de melatonine-tabletjes van de drogist. Melatonine is namelijk een stof die ons lichaam zelf aanmaakt (of zou moeten aanmaken). Dankzij melatonine worden we slaperig. Echter, wanneer je melatonine gaat slikken, geef je aan je lichaam het signaal dat het geen melatonine meer hoeft aanmaken (of veel minder). Het krijgt het immers al toegediend? Daardoor raakt je slaapritme nóg meer ontregeld, want je wordt ’s avonds niet meer slaperig. Mocht je vermoeden dat je een melatoninetekort hebt (dat kan), laat dat dan onderzoeken. Alléén bij een melatoninetekort kun je namelijk baat hebben bij het (aanvullend) slikken van melatonine.

Niets missen? Schrijf je in voor onze gratis nieuwsbrief!

Heb jij tips of adviezen?

Bedankt voor het lezen van mijn blogs. Heb jij nog goede tips voor mensen met slapeloosheid, of slaapproblemen vanwege een burn-out? Heb jij een eigen dag-/nachtritme waar je baat bij hebt? Of een goed boek dat jou enorm geholpen heeft? Deel het hieronder of op Facebook!

Dit artikel verscheen eerder op Gerda’s eigen weblog: https://gerdahenriette.com

LEES MEER

mm
Gerda Lok (1989) is (tekst)schrijver, literair vertaler en corrector op zzp-basis. Ze studeerde Journalistiek in Ede, maar moest haar studie voortijdig staken vanwege een burn-out. Na een herstelperiode werkte ze onder meer voor Van Dale Uitgevers, Omroep Gelderland en NOS Sport. Momenteel is ze freelance vertaler (Afrikaans/Engels/ Duits) voor Uitgeverij Mozaïek en Uitgeverij de Parel. Daarnaast kan ze benaderd worden voor uiteenlopende schrijf- en correctiewerkzaamheden.
Meer van Gerda Lok
Aantal reacties: 1
  1. Gerdien

    Slapeloosheid is vreselijk. Ik had het tijdens het derde trimester van mijn zwangerschap. De huisarts wilde niet geloven dat ik al meer dan 100 uur niet had geslapen. “Dat kan niet!”, zei hij. Zucht…

    Het duurde nog weken en weken voor ik via de verloskundige eindelijk slaapmedicatie kreeg. Maar ik aarzelde om die in te nemen, omdat het voor het kindje gevaarlijk kon zijn als de bevalling zou beginnen. Dus alsnog sliep ik zo’n twee uur per week in stukjes van 10 minuten en eens per week met medicatie zo’n twee uur achter elkaar. Ik kon bijna niets meer. Het voelde alsof ik in de hel was, door God en mens verlaten.

    Ook na de bevalling heb ik nog menig slapeloze nacht gehad: mijn lichaam wist niet meer hoe het moest slapen en op mijn rug of buik liggen kon niet met mijn gare bekken en rug. Als buikslaper was ik daar ook niet echt mee geholpen ?.

    Inmiddels slaap ik weer net zo als voorheen, maar moet ik wel met een koptelefoon op slapen omdat ik bepaalde geluiden niet meer kan verdragen en mijn oren geen oordoppen aankunnen. Niet echt comfortabel ?

    Dit verhaal is het eerste dat ik lees dat een beetje op het mijne lijkt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *